Regels en vereisten Wapenpas 2017

 

Hieronder vindt je de regels voor hetToernooi.

Randvoorwaarden deelname aan de Wapenpas

 

Voor wie?
Het toernooi is open voor iedereen, dus ook instructeurs

Het is vooral een sportief en vriendschappelijk evenement en niet in hoofdzaak competitief.  
Men dient eigen wapens en bescherming te gebruiken, of te lenen. Deze moeten voor het begin van het toernooi worden aangeboden ter inspectie. Bij het begin van het gevecht dient men de eigen wapen bij zich te hebben Let op: Deelname mag pas boven de 17 jaar. 

 

Aanwezigheid
De vechter is zelf verantwoordelijk voor het op tijd aanwezig zijn bij zijn gevecht. Als de vechter niet op tijd aanwezig is dan verliest hij/zij automatisch de ronde.

 

Verplichte benodigdheden
Voorafgaande aan het toernooi wordt, per persoon, de uitrusting gecheckt door de keuringscommissie. Het ontbreken van verplichte onderdelen, of het in zeer slechte staat bevinden van, kan uitsluiting van het toernooi tot gevolg hebben.  Je krijgt uiteraard wel de kans om je uitrusting in orde te maken door deze aan te passen/ lenen.
Mis je een bepaald onderdeel? Probeer het eerst binnen je eigen vereniging op te lossen. Lukt dit niet, neem dan ruim van tevoren contact op met de organisatie, zij zullen proberen om enkele onderdelen uit te lenen of te verhuren.  er zijn een oerperk aantal leenwapens beschikbaar.

 

Verplichte bescherming/ uitrusting

• Zaalsportschoenen
• Schermmasker + achterhoofdbeschermer
• Gewatteerd Vest met goede borstbeschermer er onder
of
• Schermjas   & borstplaat/ plastron
• Nekbeschermer
• Hoogwaardige gewatteerde /beschermende handschoenen met overlappende vingerbescherming.
• Elleboogbeschermers
• Kniebeschermers
• Toque (voor mannen verplicht, aan te raden voor vrouwen)
• Onderarmbescherming
• Bovenbeenbescherming
• Scheenbescherming

Aanbevolen uitrusting
• Mondbescherming (bitje)
• Toque voor dames

 

Wapen specifieke regels  
Bij de wapenpas wordt er met verschillende wapens gevochten. Met name Messer en Zwaard & Beukelaar hebben in veel toernooien nog geen grote rol en er is wat minder uniformiteit in maat en vorm, ook bij sabel, daarom hanteren wij de volgende regels :

 

De Schreef;

De maximale lengte of schreef van het blad van de eenhandige zwaarden is 80,5 cm

Wij zullen zelf een aantal messer eenhandige zwaarden en sabels verzorgen die voldoen aan de schreef. Men kan deze lenen mocht je eigen wapen te lang zijn (of voor jou gevoel te kort) 

Messer

onder deze noemen scharen wij allerhande vormen van eenhandige wapens die men wenst te gebruiken, dusscak, sabel, messer, etc. 

  • Moet een "Feder" / flexibel blad hebben
  • moet een afgeronde en verdikte punt hebben (zoals de langzwaard Feders)
  • Aangezien sabels Dussack en sommige andere eenhandig wapens een vorm van handbescherming hebben zal de hand waar men het wapen in voert niet als geldig doel worden gezien. 
  • Duimnagel; we willen iedereen aanmoedigen om met een "messer" te vechten er zijn veel verschillende duimnagels  en dat is geen probleem, andere wapens zoals sabel hebben een volledig hand afschermende kom of "basket",  om oneerlijk voordeel en de schijn van onsportiviteit te mijden wordt de hand niet als geldig doel gerekend. Ook mag de duimnagel beugel of basket geen gevaarlijke punt zijn of bevatten. 

 

Zwaard & Beukelaar

Het zwaard

  • Mag een messer zijn.
  • Moet een "Feder" / flexibel blad hebben.
  • moet een afgeronde en verdikte punt hebben (zoals de langzwaard Feders)

 

De beukelaar

  • Mag niet worden gebruikt als wapen (bijvoorbeeld; geen slagen naar hoofd met rand van beukelaar)
  • Mag van staal, of stevig kunststof zijn eventueel hout als het een degelijke rand heeft die bestand is tegen staal (in verband met mogelijke houtsplinters). 
  • maximale radius 17 centimeter/ hoogte van 34 centimeter of kleiner.
  • Mag geen punten of stekels hebben, of ander vorm van mogelijk onnodige gevaarlijke kenmerken.

 

Het Langzwaard. 

  • Moet een "Feder" / flexibel blad hebben.

 

 

Algemene Toernooiopzet 

Arena’s
Voor de toernooi wedstrijden is een rond veld afgebakend met een radius van ongeveer 3,5 tot 4 meter.

 

Gevechtsduur
een Gevecht bestaat uit 3 ronden
Een ronde duurt 3 minuten  (1 ronde per wapentype dus 3 ronden in totaal = een gevecht)  Een ronde eindigt als de tijd verstreken is of als een deelnemer 12 punten of meer scoort .
De tijd wordt tussendoor niet gestopt, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden of jury overleg.

Toernooisysteem

Poulefase 1

er zijn 2 poules
In elke poule zitten 4 tot 5 teams.  

Poule ronde 1 wordt willekeurig samengesteld.

Poulefase 2

Aan het einde van Poulefase 1 worden er 2 nieuwe poules gemaakt voor poulefase 2

De ene poule bestaat uit de top 50% teams 

De andere poule bestaat uit de overige 50%  met een lagere score.

 

Win-condities per ronde
Een vechter wint een ronde in de volgende omstandigheden:
• Hij/zij heeft na 3 minuten de meeste punten.

• Hij/zij heeft als eerste 12 punten gescoord
• De tegenstander geeft op
• De tegenstander kan niet doorgaan (zie Bijzondere omstandigheden)
• De tegenstander komt niet tijdig opdagen
• De tegenstander wordt gediskwalificeerd

 

Win- condities van een Gevecht
Het Gevecht wordt gewonnen als een team meer ronden heeft gewonen als het team van de tegenstanders

 punten op de volgende manier toegekend:

• de winnaar krijgt 3 wedstrijd punten
• de verliezer 0 wedstrijdpunten
• bij gelijke stand krijgen beide teams 1 wedstrijdpunt.
 

Het toernooi winnen

De teams met de meeste gewonnen gevechten van beide poule ronden worden gehuldigd op het ere podium.

Bij een gelijkstand wordt gekeken naar het het team dat de minste treffers heeft ontvangen gedurende de gevechten. 

 

Opzet van scoring
Voor het scoren wordt gebruik gemaakt van een gewogen puntensysteem, daarbij worden er enkel punten uitgedeeld bij een succesvolle slag, steek of snede. Een treffer wordt pas toegekend bij een volle slag, steek of snede. Aan een schraap-slag of slag met het plat van het blad worden geen punten toegekend.

Treffers
• slag of steek op Hoofd en nek en hals / strottenhoofd: 3 punten
• Torso, benen en boven armen tot en met de ellenboog: 2 punten
• Hand:en pols en onderarmen onder de elleboog; 1 punt
• Onduidelijk trefvlak: Bij twijfel door tegenstrijdige trefvlakken deelt de jury het laagste punt van de opties uit
• Afterblow: 1 punt aftrek van de score behaald door de deelnemer die als eerste raakte.
• Double hit: 0 punten Dit zijn slagen die gelijktijdig landen of zo goed als gelijktijdig worden ingezet( indes).
• Schraapslag: 0 punten
• ontwapening 2 punten  we verzoeken iedereen geen ontwapende en "weerloze tegenstander" te slaan; Men krijgt er geen extra punten voor. 
• Pommelstoot op het hoofd: 1 punt (geen mord/donner slag)
• Er zijn geen beperkingen op het aantal toegestane eenhandige slagen of steken. 

 

Ringen/Worstelen
Dit wordt van tevoren bij aanvang van het toernooi tussen de deelnemers besloten. Wanneer een deelnemer dit niet wenst zal er geen ringen plaatsvinden. Wanneer een vechter niet wil ringen, doet hij een witte armband/ tape om gedurende het gehele toernooi. Onder ringen word verstaan: worstelen, worpen, struikelen en klemmen. Let op dat de slagen en schoppen geen letsel mogen opleveren, dus men mag een voetveeg inzetten, maar geen knieschijven intrappen of vliegen trap in het gezicht inzetten. Het is wel toegestaan om ontwapeningen en hand/arm weg te duwen/over te pakken. of om iemand bij je vandaan te duwen met de voeten “Vergeet” je dat je niet mag worstelen dan wordt dat gezien als onverantwoord gedrag.

• Worpen 2 punten waard, een goed uitgevoerde worp of overname van worp of voetveeg met een val van de tegenstander als resultaat
resulteert in 2 punten. Hier stopt het gevecht niet maar gaat men verder voor dominantie of een treffer. In de meeste gevallen stop het gevecht bij een goed uitgevoerde worp met duidelijke dominantie of gecombineerd met een treffer. Een onduidelijke worp levert geen punten op.
(men struikelt over elkaar of het is onduidelijk wie de worp uitvoerde etc.)
• dominantie 2 punten: men weet de tegenstander niet te raken met wapen maar domineert wel de worsteling (schijdsrechter bepaald)
• raken met wapen. tijdens een worsteling/ na een worp weet men met het eigen wapen of dat van de tegenstander een treffer te plaatsen dan resulteert
dit in een punt/ punten, afhankelijk van het trefvlak, er moet sprake zijn van een duidelijke treffer en geen schraapslag of halfzachte aanraking maar ook geen verboden doen. 
• Als een worsteling na 10 seconden geen dominantie of treffer oplevert wordt deze door de scheidsrechter opgebroken (10 seconden is veel tijd en men
moet niet de gehele wedstrijd op de grond door brengen) Diegene die de worp had uitgevoerd kan dan alsnog een punt worden toebedeeld. 

 

Spelen met regels/overtredingen
• Spelen met de regels
Wanneer de jury gelooft dat een vechter bewust de regels bespeelt krijgt deze een waarschuwing. Bij de 2e keer krijgt hij 3 punten aftrek en bij de 3e keer verlies van het gevecht. Een meerderheid van de jury moet het hiermee eens zijn.
• Verboden doelwitten of technieken
Achterkant van het hoofd, kruis en de gehele ruggengraat zijn verboden doelwitten. Het gooien van het wapen, Mordschlagen en andere bewuste slagen met de pareerstang zijn verboden technieken. Het laten vallen van het wapen is toegestaan om de armen vrij te kunnen gebruiken voor ringen, mits er is toegestemd met ringen Het gooien van een wapen om de tegenstander te treffen is verboden.

Onverantwoord gedrag
Wanneer een vechter duidelijk onverantwoord vecht, zal deze een waarschuwing krijgen.
Bij de 2e waarschuwing zal de betreffende vechter 3 punten aftrek krijgen. Bij de 3e keer wordt hij/zij gediskwalificeerd. Onverantwoorde gedrag houdt in:
• Ongecontroleerd en roekeloos slaan, werpen, stoten, schoppen en/of klemmen.
• Het toepassen van verboden technieken en het moedwillig treffen van verboden doelwitten.
• Het doorvechten nadat de scheidsrechter het spel heeft stopgezet
• worstelen inzetten waneer een van de tegenstanders aan heeft gegeven niet te worstelen.

Wanneer een jurylid onverantwoord gedrag constateert geeft hij dat aan bij de hoofdscheidsrechter. Deze beslist over waarschuwingen en puntenaftrek. Bij diskwalificatie moet de meerderheid van de jury het ermee eens zijn.

 

Etiquette, respect en kameraadschap
Naast een vechtstijl die de krijgskunst waardig is wordt etiquette en een respectvolle houding tijdens het toernooi zeer gewaardeerd.

Dit zijn de richtlijnen voor een correcte etiquette bij de handelingen rond het gevecht:
• Voor het gevecht begint wordt eerst de scheidsrechter gegroet, vervolgens de tegenstander.
• Na het gevecht wordt eerst de tegenstander gegroet, dan de scheidsrechter.
• Groeten mag met het masker op (om tijd te sparen). De vorm van de groet wordt verder door de vechter zelf bepaald.
• Daarna mogen er handen geschud/geknuffeld/blessures gecheckt worden, etc.
• Het wordt zeer gewaardeerd als een speler een treffer op eigen lichaam aangeeft die de scheidsrechters niet gezien hebben.
• Er wordt ook verwacht dat wapens met eerbied behandeld worden. Er wordt niet mee gesmeten. Na gebruik worden ze netjes teruggezet of afgelegd.

 Onvoorziene situaties
Wanneer de regels geen duidelijkheid geven over een situatie beslist de scheidsrechter.

 

Omschrijving en protocol officials
Officials en medewerkers
Per arena zijn er drie  á vier juryleden aanwezig en scheidsrechter. Daarnaast zullen er twee technische medewerkers achter de scoring(scomputer ) en tijdsbewaking zitten. Per toernooi is er tevens één hoofdscheidsrechter aanwezig.
Taakomschrijvingen
• Scheidsrechters bepalen de uitkomst van de instantie en duiden de verdiende punten.
• De technische medewerkers houden de score, de tijd en het aantal punten per ronde en het aantal gewonnen rondes en roepen de eerstvolgende teams/vechters op.

De technische tafel geeft tevens een kleur aan de vechters.
• Juryleden kijken toe en signaleren wie, wanneer en waar geraakt wordt. Wanneer gevraagd door de scheidsrechter zullen zij een mening geven en
mee mogen stemmen over onduidelijke situaties, De scheidsrechter heeft het laatste woord. 

Dresscode
• Scheidrechters en jury dragen een zwarte pantalon/rok en een wit overhemd. Gilets, stropdassen en vlinderdassen zijn optioneel. uitzonderingen voor deelnemers die bij gevechten van andere jureren. 

Jury- en Scheidsrechtersprotocol
• De scheidsrechter gebruikt een staf om het gevecht te beginnen.
• De scheidsrechter stuurt de vechters op hun plaats: tegenover elkaar aan de rand van de ring.
• De staf wordt tussen de vechters geplaatst. De scheidsrechter vraagt of iedereen klaar is: vechters, jury, tafel. De staf wordt tussen de
vechters geplaatst en opgeheven.
• De tijd begint te lopen en het gevecht begint pas zodra de scheidsrechter: “Begin” roept.
• Juryleden gebruiken rode en blauwe vlaggen of batons, en mogen zich verplaatsen om een goed blikveld te hebben.
• Een jurylid roept “HIT” zodra hij/zij een treffer ziet.
• De scheidsrechter stopt het gevecht “HALT” te roepen en, indien nodig, door de staf tussen de vechters in te plaatsen. Dan vraagt hij naar de
mening van de juryleden.
• De jury stemt gelijktijdig, blik naar de grond gericht.>
• Horizontale vlag voor de vechter die een succesvolle hit heeft uitgevoerd.
• Twee horizontale vlaggen voor een double hit.
• Beide vlaggen laag en gekruist betekend niets gebeurd of niets gezien.
• Als er een hit is, wordt door de scheidsrechter gevraagd naar het trefgebied. De juryleden zullen met de vlag aanwijzen waar de hit heeft
plaats gevonden. (Bij voorbeeld: rood maakt een slag op het hoofd van blauw. De Jury wijst met de rode vlag naar zijn hoofd).
• Twee of meer juryleden moeten het eens zijn om een uitslag te bepalen.
• Een Jurylid of scheidsrechter mag een overlegmoment inroepen om een situatie te verduidelijken. Jury en scheidsrechters trekken zich kort terug totdat een beslissing is gemaakt. De tijd wordt stilgezet.
• Bij twijfel is de mening van de scheidsrechter doorslaggevend.
• Mocht de jury vinden dat iemand onsportief gedrag vertoond kan deze gestraft worden door punten aftrek of uitsluitsel van het toernooi.

 

Bijzondere omstandigheden
Een jurylid of een scheidsrechter kan een time-out inroepen in de volgende omstandigheden. De tijd wordt stop gezet tot na het incident.
• Wardrobe malfunction: er mankeert iets aan de uitrusting van één van de vechters, waardoor het gevecht niet door kan gaan tot het is opgelost.
Body malfunction: één of meerdere vechters heeft een verwonding opgelopen, waardoor er niet verder gevochten kan worden. De EHBO wordt door de scheidsrechter opgeroepen om het probleem te beoordelen. Als het op te lossen is, hervat de tijd en het gevecht op het moment dat de EHBO klaar is. Zo niet, dan is het gevecht afgelopen en wint de andere vechter automatisch. (tenzij er sprake is van Onverantwoord gedrag).
• Verwonding: er is een verwonding geconstateerd en er moet worden bepaald of EHBO noodzakelijk is.